Klussen

De Aja overwintert nu zo’n 5 maanden in Palma, dat is langer dan ik gepland had. Maar doorvaren had betekend dat ik in Sardinië, vanwege het einde van het zomerseizoen, veel dichtgetimmerde dorpjes enz. zou zijn tegengekomen. Palma is een flinke levendige stad en er is genoeg te doen, dus maar vroeg de overwintering ingezet. Het geeft me ook de tijd om weer eens naar Breda te gaan.

De Aja in Palma

Ik wil voorkomen dat ik er nog verder vervet door al het lekkere eten en de alcoholische versnaperingen. Ik heb me voorgenomen om in ieder geval elke dag minimaal een uur te wandelen, natuurlijk om fit te blijven en wat van de stad te zien, maar ook om onder de mensen te zijn. Onderweg een café con leche, soms met wat lekkers (tsja….). Verder probeer ik enkele vaste eet- en drinkadresjes te zoeken om mensen wat beter te leren kennen. Ik had al vrij snel de Cornerbar gevonden. Een Engelse kroeg waar veel zeilers/yachties vanuit de hele wereld komen, maar ook mensen die op de vele grote jachtwerven werken. Je hebt er eigenlijk altijd wel een praatje. Ik kijk er wel eens naar een voetbalwedstrijd als er een Nederlands team speelt. Verder eet ik regelmatig in de Bar Dia, een ongedwongen Spaanse tapastent, altijd gezellig en je kunt er als eenling aan de bar eten. Dat voelt wat minder eenzaam. Voor het nachtwerk, ga ik wel eens naar uitstekende optredens in de, alweer, Engelse bar The Shamrock. Helaas begint de livemuziek pas na 00.30 uur, en dat is meestal wel wat laat voor mij.
En klussen aan boord natuurlijk. Vergeleken met een huis heb ik het idee dat je met een boot permanent bezig bent. Nu ik wat langer in Palma blijf, wil ik nog wat klusjes aanpakken, sommige dienen zich vanzelf aan….

Boiler.
Ik heb een vrij oude boiler aan boord. Die zat er al in toen ik de boot kocht in 2009. Omdat ik niet douche aan boord (alleen in de zomer op het achterdek), gebruik ik warm water alleen voor het afwassen. Makkelijker is het om bv een elektrische waterkoker aan te schaffen. Maar goed, hij zat er dus al in en bij het vervangen van de motor zijn ook de warmwaterslangen van de koeling van de Volvo motor aangesloten op de boiler. Dat werkt heel goed. Maar in Palma, kwam er op een dag geen warm water meer. In eerste instantie dacht ik dat dan de hele boiler zou moeten worden vervangen. Dat leek me nogal een klus en de nieuwe generatie boilers zien er heel anders uit. Gaat dat passen e.d.?

De boiler

Ik heb het frontje van de boiler afgeschroefd en zag daar een summier plaatje met de gegevens. Het merk is Quick uit Italië en het verwarmingselement is 1200 watt. Op internet nagezocht en er zijn onderdelen beschikbaar. Wat kapot kan zijn is in principe de thermostaat en het verwarmingselement. In de winkel hier aan de haven denkt de verkoper dat waarschijnlijk alleen de thermostaat kapot is. Dus die dan maar demonteren. Maar om die eruit te krijgen zit er het e.e.a. in de weg, o.a. de afvoer van de gootsteen en het achterschot van het keukenblokje. Dus afvoerslang demonteren (eerst afsluiter dicht!) en een flink gat boren in het achterwandje, waar de thermostaat doorheen past. Dat is op zich ook wel goed omdat hierlangs ook wat koele lucht uit de bilge in het kastje kan komen waar de compressor van de koelkast staat. Gelukkig heb ik grote gatenboren meegenomen. Ik lig op mijn zij op de vloer van de boot en op een gegeven moment hoor ik een knak in mijn ribben. Later besefte ik me, dat ik toen een rib heb gebroken. Enfin, na veel moeite en het telkens vast slaan van de gatenboor, zit er een gat in het achterwandje. De thermostaat kan uit de boiler worden getrokken en een nieuwe gehaald. Opnieuw aangesloten, maar geen warm water. De aansluiting doorgemeten, geen spanning. Zou dat het zijn? Met dat proberen maak ik per ongeluk nog een paar keer kortsluiting. Ook krijg ik nog een flinke schok, maar dat is goed voor je hart, heb ik wel eens gehoord. De aardlekschakelaar op de omvormer werkt dus ook. Op de kant moet ik de automatische zekering ook weer inschakelen. Uiteindelijk blijkt de schakelaar om de boiler aan te zetten niet goed te werken. Dat is nu ook verholpen. Maar het water wordt niet warm. Het verwarmingselement moet er ook uit….dus eerst water aftappen.

Thermostaat en verwarmingselement

Om het verwarmingselement los te draaien heb ik een sleutel van ca 5,5 cm nodig en het liefst een goede om straks ook de nieuwe zonder al te veel beschadigingen vast te draaien. Die heb ik niet aan boord, dus maar zo’n sleutel gekocht voor ca € 50. Nu zag ik in een andere zaak dat er allerlei rubbertjes zaten bij een origineel vervangingspakket van Quick. Dus ik terug naar de winkel om te gaan ruilen. Helaas had ik de aankoop bon niet meer…, vergeten mee te nemen de vorige keer. De verkoper gaf aan de schroefdraad met teflon af te dichten. Maar gaf me ook een paar rubberringen mee. Enfin zonder teflon maar met rubberring de boel weer aangesloten. Geen lekkage en ja, er komt warm water. Ik heb een wat lichter verwarmingselement gekocht van 800 watt (i.p.v. 1200W). Dus het duurt nu wat langer voordat het water warm is. Na een paar dagen hoor ik de drinkwaterpomp telkens aanslaan, gelukkig was ik aan boord. Blijkt dat door het hete water de rubberring uitgezet is, het water spuit met een grote kracht uit de aansluiting van het verwarmingselement. Dus snel alle kranen open om zoveel mogelijk water af te voeren. Uit de bilge kon ik ook nog 10 emmers water halen. Balen. Nu is de aansluiting op de boiler dicht (nog steeds!). Er blijkt nog wel een lekje in de warmwaterleiding te zitten. De slang is zwaar verouderd en al wat verteerd. Dat is de reden waarom er eigenlijk altijd wel wat water in de bilge stond. Nu maar besloten om deze slang ook te vervangen. Eerst met een gewone waterslang, maar die wordt erg zacht als het hete water er door heen loopt. Dus hiervoor een speciale warmwaterslang aangeschaft. Het is nu gefikst, maar een boiler aan boord hoeft voor mij niet meer zo nodig…

Grootschootoverloop (Traveller/kar)
Toen de tuigers vlak voor mijn vertrek uit Nederland bezig waren met het vervangen van de verstaging, merkten ze op dat er een wieltje van de kar van de grootschootoverloop (Lewmar) kapot was. Knap dat ze dat gezien hebben, waarschijnlijk op zoek naar extra klussen. Ik heb aan dat bedrijf om een alternatief gevraagd. Een nieuwe traveller voor de huidige rail is niet meer te koop. Het betekent dat de oude rail eraf moet en een hele nieuwe overloop er weer op. Dat is nogal wat hak en breekwerk. Die oude zomaar losdraaien gaat niet, de moeren zitten ingelamineerd tussen dek en plafond van de achterkooi. Het zou betekenen dat het plafond open moet om de nieuwe bouten en moeren los tee draaien en weer te bevestigen. De overloop zelf is nog prima, dus ik heb deze klus uitgesteld tot later, ook omdat ik al op korte termijn zou vertrekken. Onderweg geen problemen gehad met de overloop. Nu is er hier in Palma een zaak waar gebruikte bootspullen te koop worden aangeboden. (Mercanautic). Ze hebben op internet een site, en daar staat warempel eenzelfde nieuwe kar te koop aangeboden voor € 75, een flink bedrag maar voor wie hier naar zoekt een mooi prijsje. Voor mij een buitenkans. Dus ik meteen aan de wandel (bijna een uur) naar deze winkel. En ja hoor, het ligt er, ongelooflijk. Ik dat ding gepakt met het idee het nooit meer los te laten.

De versleten wieltjes aan de onderzijde van de traveller

Aan boord de oude kar gedemonteerd, waarbij meteen een hoop lagers door de kuip rollen. De wieltjes waren bijna geheel versleten en vergaan. Hoog tijd dus. Nieuwe lijnen in de kar geperst en de Aja heeft weer een min of meer nieuwe traveller. Soms zit het allemaal erg mee….

 

…de nieuwe

Anker
Ik ben (helaas) niet zo’n ankeraar. Maar het zal er toch een keer van moeten komen verwacht ik, als ik later richting Griekenland ga. Ik las eens in een verhaal dat je je anker eigenlijk een maat zwaarder moet kopen dan wordt geadviseerd. Mijn anker is een Rocna van 15kg, dat is volgens de voorschriften voldoende. Onderweg kom ik echter veel gelijkwaardige boten tegen met een anker van 20kg. Dat zit me dus niet echt lekker. Eind november kwam er een verwaarloosde oude Spaanse zeilboot naast me liggen. Ik raak aan de praat met de kersverse eigenaar en hij vraagt of mijn anker goed bevalt. Ik vertel hem in het kort over mijn zeer beperkte ervaringen. Vertel hem ook dat ik eigenlijk een maatje zwaarder wil. Hij geeft aan wellicht mijn anker te willen kopen. Ik besef dat dit een uitgelezen mogelijkheid is om van dit anker af te komen, want waar laat je dit anker als je een nieuwe koopt. Ik heb nog 2 reserve ankers aan boord (een Fortress en het oude CQR) en dat lijkt me vooralsnog voldoende. Dus wat onderhandeld met m’n inmiddels vertrokken buurman. En een nieuwe Rocna 20kg aangeschaft. Maar ja, dan past de oude draaibare verbindingsschakel niet meer, dus wat andere versies geprobeerd en uiteindelijk een goede schakel gevonden die op het anker past en de 8mm ketting. Onlangs sprak ik een Ier die van ankeren zijn hobby heeft gemaakt en zichzelf zeer ervaren noemt (hij laat z’n boot gerust 3 weken achter op een ankerplek) en hij had ongeveer dezelfde samenstelling. Dus dat geeft me veel vertrouwen om het anker in de toekomst weer eens uit te gooien.

nieuw anker

Al klussend, wandelend en genietend van de stad, woon ik nu een tijdje in Palma. Het bevalt me uitstekend, maar stilletjes aan, begint het weer te kriebelen om de steven weer oostwaarts te wenden.

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Aja movement

Ik wil nog wel even blijven in Puerto de Andraitx. Het is een mooi plekje, in een prachtige beschutte baai, en het is heerlijk zonnig. De toiletvoorzieningen zijn weliswaar armoedig en openbaar, maar het plaatsje heeft wel wat. Het is er druk met toeristen, ze zijn ingetogen en gemiddeld al wat ouder. Met de bus ben je in 5 kwartier in Palma. Bovendien lokt het gezellige eettentje (waarvan ik de naam niet meer weet) met het gezellige terrasje, de patatas bravas en de goede muziek.

…biertje erbij, wie doet je wat. Puerto de Andraitx

De liggelden zijn, zoals in alle Ports IB havens heel redelijk. Maar blijven liggen kan niet zomaar. Boten die van elders komen en reserveren hebben voorrang. Dus de marineros houden altijd een slag om de arm. Per dag wordt bekeken of je kunt blijven. Ik vind dat eigenlijk geen prettige situatie, …elke morgen maar hopen op een positief antwoord. De marineros hinten er telkens op dat ik eens zou moeten vertrekken. Dat ben ik uiteindelijk beu. In Palma is nog steeds geen plek, dus ik kies ervoor om vrijdag 19 oktober naar L(S)a Rapita te varen. Weer een prachtige tocht langs de baai van Palma, ca.30 Nm. Het is druk op het water, veel zeilboten, waarschijnlijk de regatta, die ervoor zorgt dat de haven van Palma vol is. Begin van de middag komt er stevige bewolking met onweer opzetten, en vaar ik een tijdje in de plenzende regen. Het lijkt of de bewolking blijft hangen boven het eilandje Cabrera. Om een uur of drie, als de regen weer over is, en de lucht is opgeklaard, lig ik voor de ingang van de marina van Rapita. Ik roep op via de marifoon… geen antwoord. Na een paar keer proberen, komt er een reactie. Ik mag echter de haven nog niet invaren. Ik moet het over een uur opnieuw proberen. Het is gelukkig inmiddels redelijk weer en de wind is wat ingezakt. Dus dan maar een uurtje rondjes draaien op zee. Siësta zeker? Uiteindelijk na 5 kwartier ronddobberen mag ik naar binnen. Er wordt gevraagd hoe lang ik wil blijven. Ik wil in La Rapita wachten tot na het weekend, omdat er mogelijk dan een plek is in Palma. Ik geef aan voor 3 dagen. Ik krijg een plekje achterin de marina, gelukkig. Daar is weinig swell. De meeste bezoekende boten moeten in de haveningang gaan liggen en daar kan een vervelende deining staan, alleen al door de langsvarende boten. De marinero helpt met aanleggen. Ik drink eerst een biertje met het gebruikelijke oorlam.

In de haven van L(S)a Rapita

Na een uurtje ga ik inchecken. In een zeer armoedig kantoortje klopt een gehaaste marinero al mijn gegevens in een iPad en maakt foto’s van mijn documenten. Dat is nergens in Spanje zo snel gedaan. Dan afrekenen…dat is ff schrikken, ruim € 60 per nacht. Nog nergens zo duur overnacht. Het haventje zelf stelt niet veel voor. De toiletgebouwen zijn nieuw en zeer keurig, dat moet gezegd worden. Maar het plaatsje is een uitgestorven en een lelijke bedoeling. Kaarsrechte straten, eenzaam en verlaten. Desolaat zoals in het voormalige Oostblok. Nu die 3 dagen nog door zien te komen…dat wordt veel lezen en uitslapen. Ik ga elke avond in hetzelfde tentje eten, goed en goedkoop, een soort van veredelde cafetaria. Er zijn telkens dezelfde toeristen (voor zover aanwezig). Dit is blijkbaar het enige beetje vertier in dit dorpje. Ondertussen heb ik nog per email contact met da haven van Palma. Mijn mails worden telkens vriendelijk beantwoord en ja hoor, na het weekend kan ik komen. Pfff, ik voel me een gelukkig mens. Weg uit dit saaie dorpje en op naar de grote stad met de prachtige marina van Real Club Nautico de Palma (RCNP), gelegen tegen het stadscentrum. Het is nog even lastig om weg te varen uit de haven. De wind staat een beetje vervelend, precies op het hek (achterkant) van de Aja. Het eerste de lijnen aan de boeg losmaken is geen probleem, maar daarna achter, de Aja zal meteen weer tegen de steiger worden geduwd. Dat moet dus snel gebeuren en oppassen dat de mooringlijn niet in de schroef komt. De lijn moet dus snel los en de motor meteen in de achteruit. Een goede voorbereiding is het halve werk, zeker voor een solozeiler. Het gaat goed en ik ben trots op mezelf. Naarmate ik langer weg ben, gaan de manoeuvres steeds beter. “Practice makes perfect”. Het is prachtig zeilweer en ik kan bijna de hele reis zeilen. In de baai van Palma moet ik wat van koers veranderen en dan komt de wind pal tegen. Ik heb geen zin om op te kruisen, dus haal ik de zeilen binnen en start de motor. Wat een gigantische haven is Palma. Er liggen een stuk of drie cruiseschepen en dan nog wat ferry’s, maar vooral heel veel grote jachten. Dankzij de plotter, waarop ik de route van tevoren heb ingevoerd, kan ik de ingang vinden. Via de marifoon hoor ik regelmatig andere schepen een van de marinas oproepen voor een ligplaats. Maar helaas voor hen, die worden allen afgewimpeld. Ik ben blij dat ik gereserveerd heb. Bij het invaren van de haven staat bij de dieselsteiger een marinero klaar die in zijn RIB springt en me naar een mooie plek in de haven begeleid. Het is een beetje een uithoek, bij het hoofdgebouw met allerlei sport/recreatievoorzieningen, maar ook dicht bij de stad. Het havenkantoor om in te checken is zeker een kwartier lopen. Ik word er vriendelijk geholpen. Als ik wil kan ik zeker tot maart blijven. Dat neem ik in overweging….
Het weer op Mallorca verslechtert in rap tempo en aan noordoostzijde van het Middellandse zeegebied worden overstromingen en ontbossingen gemeld. Op Mallorca zijn 10 slachtoffers te betreuren. Mijn plan was mogelijk nog voor de winter door te varen naar Sardinië. Maar ik krijg allerlei signalen dat Sardinië na november is uitgestorven en dat veel gebouwen zijn dicht getimmerd. Mede door de slechte en onrustige weersomstandigheden besluit ik om in Palma te blijven en te genieten van deze mooie stad. Overwinteren op Mallorca dus. Dat geeft me ook mooi de gelegenheid om in de kerst/nieuwjaar periode een maandje naar Nederland te gaan. Op een half uurtje van de stad ligt het vliegveld en de kosten van het vliegen zijn in deze periode zeer beperkt. Ik lig in de haven van Palma de Mallorca, op een (voor mij) mooie plek, vlakbij het centrum. Je loopt langs de jachtwerf of via het statige hoofdgebouw van de koninklijke club in vijf minuten naar de oude stad. De jonge wedstrijdzeilers hebben hier vlakbij hun bootjes op de kant liggen. Regelmatig is er een regatta of er wordt getraind en dat levert een gezellige drukte op. Maar dat betekent ook dat mijn boot regelmatig naar een andere plek moet omdat op die locatie een inlaatplaats moet komen voor de bootjes. Daar was ik al voor gewaarschuwd. De mail om te verleggen die ik kreeg van de haven had de titel AJA movement. Dat vond ik mooi gevonden. Immers de Aja is van de beweging, het verplaatsen, maar voor mij ook een “beweging” in een andere zin, een soort lifestyle. Die Aja movement is een mooie titel voor dit deel van m’n verslag. Inmiddels lig ik een paar plekken verder en is de movement veranderd in een soort “tijdelijk permanente” ruststand.

Geplaatst in Geen categorie | 3 reacties

Adios Valencia

Op 19 september vertrek ik vanuit Valencia naar Denia. De Aja gaat weer zuidwaarts. Ik heb daar met Monique afgesproken. Op de heenreis heb ik op dit traject nog Gandia aangedaan, dat waren toen 2 redelijk korte tochten. Nu vaar ik het echter in een dag, zo’n 45 Nm. Zoals gewoonlijk is het ’s morgens motoren, omdat er weinig wind staat. In de loop van de dag trekt het wat aan en kan ik nog wat zeilen. Het gaat uiteindelijk redelijk waaien en ik maak me wat zorgen over het aanleggen. Ik ben van plan weer in de “goedkope” marina El Portet te gaan liggen. Het ligt ook nog dichter bij het stadje. Vlakbij de haven wil ik via de marifoon de haven oproepen, maar een oostbloks klinkende collega zeiler is me voor en roept op een beetje paniekerige toon dat hij een ligplaats zoekt omdat hij ivm de wind op een heel lastige plek ligt te wachten op antwoord. Uiteindelijk antwoordt een keurig Engels sprekende dame van marina de Denia. Zij geeft aan dat er in haar haven plaats is. Ook ik probeer een paar keer El Portet op te roepen, maar zonder succes. Dus toch maar Marina de Denia opgeroepen, en ja ik kan komen. Ik word geholpen met aanleggen. Een prachtige marina. Ik lig er eigenlijk prima, weliswaar wat duurder, maar alla. De was- en douchegelegenheden zijn superluxe. Je hebt er keuze uit wel 50 badkamers. Qua omvang zo groot, dat die van mij thuis er wel 2x in past. Er is nog net geen ligbad. Lekker zo luxe. De volgende dag schrob ik de boot en maak van binnen ook schoon schip. Beetje een ritueel voor als er (hoog) bezoek komt. Monique heeft vrijdag een vrij late vlucht vanuit Rotterdam naar Alicante. Helaas heeft haar vliegtuig vertraging vanwege de harde wind in noord west Nederland. waardoor ze de rechtstreeks geboekte bus naar Denia mist. Vanaf het vliegveld kan ze nog met de bus naar Benidorm en vandaar uit met een boemel naar Altea. Daar stokt het en zal ze verder moeten met de taxi. Er is feest Altea, straten zijn afgesloten en een taxi is niet te bekennen. Na allerlei omzwervingen vindt ze toch een taxi en legt de laatste 50km af naar Denia. We spreken af dat ik bij de poort zal wachten. Uiteindelijk staan we allebij bij een verschillende slagboom te wachten. Maar met een fotootje van Google maps vinden we elkaar. Om 23.20 uur kunnen we net voor het sluiten van de keuken nog wat eten in een restaurant aan de haven. We gaan op tijd te kooi want de volgende dag gaan we naar Ibiza, Puerto de San Antonio, dat is ca 57 Nm, dus wel zo’n 11 uur varen.

op tijd op pad (foto Monique)

We vertrekken als het licht wordt, ca 7.30 uur. Het fijne is, dat als je met z’n 2en bent, er een op de uitkijk zit en de andere (Monique dus) het ontbijt klaar maakt. Het is een mooie tocht, lekker weer, en op een gegeven moment hebben we zelfs heerlijk, kunnen zeilen. We komen om ca 16.30 u aan en worden geholpen door een nogal afstandelijke marinero. Het blijkt eigenlijk niet zijn taak te zijn om boten te helpen met aanleggen. Enfin, toch bedankt voor de hulp. De havens op Ibiza zijn duur, we gaan daarom in de goedkopere en eenvoudige Ports IB liggen voor ca € 28 per nacht. Je moet van tevoren reserveren en betalen. De toiletten/douches zijn er nogal simpel en min of meer behorend bij een klein kroegje. We blijven 2 dagen. We hebben aanvankelijk het plan om naar het eiland Formentera te varen en daar een paar dagen voor anker te gaan. Maar de verwachting is dat het weer minder wordt en het stevig gaat waaien. Met onze zeer beperkte ankerervaring besluiten we dat niet te doen en na een dagje San Antonio gaan we via de noord-oost punt van Ibiza naar Santa Eulalia. Een mooie tocht van ca 31 Nm langs een prachtige kust met veel rotsen en inhammetjes. De wind is helaas te zacht om te kunnen zeilen. Half de middag komen we in Eulalia aan. We blijven hier 4 nachten. We gaan een dagje naar Ibiza stad met de bus. We wandelen er wat rond en beklimmen de heuvel naar de kathedraal. We vinden Ibiza-stad erg over de top, € 6 voor een biertje op een terras is voor ons te veel van het goede. De winkeltjes zijn leuk, maar zijn niet ons ding. In veel zaken worden dezelfde spullen verkocht. We zijn blij als we weer naar Eulalia kunnen. Omdat we met de Aja niet naar Formentera konden, gaan we met de ferry. Het is zo’n 1,5 uur varen. Er staat een stevige deining en een aantal medepassagiers wordt zeeziek. Ach, wij zijn ingeslingerd en kunnen inmiddels wel wat hebben. Om wat van het eiland te zien huren we fietsen en rijden eerst naar de noordkant van het eiland langs de duinen en dan weer terug en fietsen we een prachtige tocht, via fietspaden langs zoutvlakten en het binnenmeer van het eiland. Uiteindelijk na een hapje en een drankje met een prachtig uitzicht pakken we de ferry terug.

op de fiets een rondje Formentera (foto Monique)

Vrijdagmorgen de 28e staan we weer vroeg op en vertrekken naar Mallorca, de haven van Andraitx. Weer ruim 50 Nm, dus we vertrekken met de opkomende zon in oostelijke richting. Aanvankelijk weer op de motor maar verder op dag kunnen we, aan de wind, zeilen. Die wordt richting kust van Mallorca wat steviger, we reven door de genua wat in te rollen. We driften af van de uitgestippelde route en vragen ons af, als we kust naderen, waar de haveningang ligt. Pas als we in de buurt zijn, blijkt dat je om de hoek van een rots moet en zo de baai van Puerto de Andraitx in te varen.

waar is de haveningang (foto Monique)

Het is een prachtige idyllische baai. We gaan weer in een ports IB haven liggen. We hebben alvast voor 4 dagen gereserveerd. Tot onze verbazing, en ook wel een beetje tot onze verbijstering, liggen we naast nog een Aja. Ik had gedacht dat ik de enige Aja zeilboot ter wereld had… De buren zijn Engelsen en volgens mij zijn zij ook wel een geschrokken.

hoe is het mogelijk, nog een Aja….
(foto Monique)

Monique vertrekt op zondag weer naar huis. Ook hier weer in het openbaar douchen in een soort van openbaar toilet. Het is een leuk plaatsje, prachtig gelegen aan de baai, met restaurantjes aan het water. De volgende dag gaan we met de bus naar Palma de Mallorca. Een prachtige luxe stad met een enorme haven. Er liggen duizenden boten (en geen kleintjes). We zoeken uit hoe Monique het beste met de bus naar het vliegveld kan. We slenteren wat door de stad met heel veel monumenten en de gigantische kathedraal, die tegen de omwalling van de stad ligt en heel kort op de zee. De laatste bus vanuit Palma gaat weer redelijk vroeg terug, dus we eten weer in Andraitx op een heel leuk terrasje met (een van) de lekkerst patatas bravas die ik ooit gegeten heb. Een soort van torentje van gestapelde frietjes en van binnen ruim voorzien van mayonaise, heerlijk…
Op zondag moet Monique weer terug naar Breda. We gaan weer met de bus naar Palma drinken nog samen een kop koffie met een taartje. Helaas moeten we weer afscheid nemen. Het was een geweldige tijd. Ik slenter daarna nog wat door de stad en ga nog langs een haven in Palma om te vragen of er een ligplaats is voor een eenzame zeezwerver. Voorlopig niet…ik moet later nog maar eens contact opnemen….

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Valencia

In Valencia blijf ik een tijdje (week of 6) liggen. Ik wacht hier het drukke zomerseizoen af. In deze zomerperiode is het altijd maar afvragen of er een plekje in een haven is.
Valencia is een charmante stad, veel allure en gezellige straatjes in het oudste gedeelte. Helaas ligt de haven nogal ver van de binnenstad. Naar de oude binnenstad moet met de tram/metro, voor ca € 0,85 per rit van een half uurtje. Helaas gaat de laatste metro al om 22.00 uur terug. Dat is wat laat om nog op Spaanse tijden (vanaf 21 uur) in het centrum wat te gaan eten. Om het nachtleven te verkennen zal je met de taxi terug moeten, kost tussen de € 10 en €15. Lopen is wat mij betreft, geen optie om al te vaak te doen, veel te ver. Daar ben je toch wel een uurtje of 2 mee zoet. Toch maak ik regelmatig flinke wandelingen, zoals via de bedding van de Turia naar het centrum. Met de hitte ook wel een uitdaging, maar eenmaal aangekomen, smaakt het pintje des te beter. Spanje is echt een bierland. In de bedding aan de zeezijde van de Turia zijn de enorme tentoonstellingsgebouwen. Ze maken een futuristische indruk. In combinatie met de felle zon en de blauwe kleur van het water, waan je je in een buitenaardse omgeving. Heel bijzonder. Maar ook wat een geldmisbruik. De gebouwen, die naar mijn idee nauwelijks gebruikt worden, zijn enorm duur in onderhoud.

futuristische gebouwen in de Turia bedding

In het weekend van 18 augustus komt Monique een lang weekend naar Valencia. Monique kent Valencia al, dus we beperken ons tot de culinaire kant van deze grote stad. De verbinding van de haven met het vliegveld is perfect, bijna zonder overstappen kun je naar en van het vliegveld. Ik haal haar op en we karren meteen door naar de haven. Langs het strand zijn veel flink uit de kluiten gewassen restaurants waar we ‘s avonds wat tapas eten. De woonwijk bij de haven heeft ook wel wat te bieden, Daar zijn ook wat gezellige trendy eettentjes waar je relatief goedkoop en heel lekker kunt eten. Maandag moet Monique alweer terug. Zo’n weekend vliegt voorbij en voor je het weet zit je weer alleen in de metro terug naar de Aja. Maar, de 22e komt Roy alweer op bezoek. Hij was aanvankelijk van plan met de auto te komen en zou dan meteen “wat” spullen voor me meenemen. Dat wat is inmiddels een aardige doos vol geworden. Helaas moest Roy de plannen wijzigen en is voor een dag of 5 met het vliegtuig gekomen. Dat stevig ingepakte pakket is per post bezorgd in de haven. Dat is goed gelukt, maar wel overdreven om een trapfender in Nederland te kopen en per post te laten bezorgen….maar ja ik kon in Spanje geen witte vinden. Ik word door Roy getrakteerd op Paella in een restaurantje dat heel goed moest zijn. Hij heeft daar in verleden al eens met z’n dochter gegeten. Het gerecht wordt speciaal voor ons klaar gemaakt en de krab die erin gaat wordt eerst aan ons getoond, een flinke jongen (meisje?). Maar ik vraag me af of die/ze ook daadwerkelijk in de pan gedaan werd. Zo’n paella is een stevige/zware maaltijd. Nog bedankt Roy voor de traktatie.

bevoorrading van de AJA

stevige kost

Ik besluit om begin september een kleine week naar Breda te gaan. Mn oude moeder weer eens bezoeken en wat afspreken met vrienden. Bovendien kan ik nog wat medische zaken afwikkelen. Leuk om weer even terug te zijn, maar ook wel vreemd. Je hebt het gevoel dat je in Breda niet meer thuis bent. Ondanks de gezellige dagen in Breda vond ik het geen ramp on het vliegtuig terug naar Spanje te pakken. Ik ben nu toch wel een beetje een ontheemde (zee)zwerver geworden.
Terug aan boord besteed ik m’n tijd nog nuttig aan wat klussen aan boord. Ik laat een paar landvasten maken met van die stalen veren ertussen. Dat blijkt een voorziening die ik veel eerder had moeten hebben. In de haven van Valencia staat vaak een flinke deining van uit zee, of van passerende vissersboten (4 uur ’s nachts). Met normale landvasten lig je te snokken in de kooi, maar met die veren worden ergste klappen opgevangen en gedempt. Een aanrader.
Omdat, als Monique komt (eind september) we van plan zijn het ankeren weer eens uit te proberen, blaas ik de rubberboot op en gooi die overboord. Er zit ergens een klein gaatje, want er sijpelt wat water naar binnen en 1 drijver loopt heel langzaam leeg. Daarvoor moet ik de Zodiac nog eens aan een nadere inspectie onderwerpen, maar voor een weekje gaat het prima. Op termijn zal ik de Zodiac moeten gaan vervangen denk ik, want het is al een oudje. Bovendien is het materiaal (pvc) niet echt goed bestand tegen de brandende zon (Hypalon is dat wel). Met het nieuwe takelsysteem hengel ik ook de buitenboordmotor overboord en probeer die aan de Zodiac te hangen. Dat vergt nog wat oefening en uitproberen, hoe dat het handigste gaat. Maar het belangrijkste is dat ik niet met het zware kreng van het zwemtrapje af hoef. De buitenboordmotor heeft al een jaar niet meer gelopen, maar na een tijdje rukken aan het startkoord, gaat ie toch aan de gang. Dat valt mee. Maar de choke kan ik niet uitzetten dan slaat ie af, bovendien komt de motor niet op toeren. In de haven zit een bedrijfje die de motor kan nakijken. Ze komen hem zelfs van boord halen en weer terugbrengen.

Het takelsysteem van de bbm. Handig zo’n hekspoiler…

Ik besluit toch ook eens controleren of de accu’s bestand zijn tegen een paar dagen zonder walstroom. De omvormer van Victron gaat uit. Het valt me al op dat het voltage van de accu’s al vrij snel terugloopt. In het begin van de nacht schrik ik wakker en blijkt dat de ventilator (die ik elke nacht aan heb staan in de kooi) stil staat. En ja hoor, weer de accu’s totaal leeg, al na een paar uur. Ze zouden het toch op z’n minst een paar dagen vol moeten kunnen houden. Dus naar een bedrijfje in de haven die vooral in elektronische klussen doen. Al na een paar uur komen er een paar mannen aan boord, en beginnen weer alles door te meten. Hetzelfde als ook in Alicante is gebeurd. Wat me wel op valt dat de in Alicante afgekoppelde accu nog aardig vol is. Die is dus niet echt stuk, zoals eerder door de engineers in Alicante werd beweerd. Maar omdat de andere 2 ook helemaal leeg zijn geweest, zijn ze waarschijnlijk nu ook echt kapot. De engineers geven aan dat er nieuwe accu’s moeten komen. Tja daar kan ik niet meer omheen, deze zijn immers zo goed als waardeloos. Ik laat dan ook maar 2 goede nieuwe accukabels maken, ter vervanging van de door mij in elkaar geflanste kabels. Ik krijg een offerte, totaal een grapje van bijna € 1000. Na een paar dagen zijn de accu’s binnen en worden meteen geïnstalleerd, wat zwaarder dan besteld (120 Ah/stuk) en dus ook nog wat extra bijbetalen. Alles weer gemonteerd… ik hoop dat ik er nu vanaf ben. Wat me nu, later, opvalt is dat de accu’s zonder walstroom voortreffelijk vol blijven (zonnepanelen en windmolen), maar dat als ik de walstroom aanschakel de Victron redelijk vaak aanslaat en de accu maar op ca 13,20V volhoudt. Ik vermoed nu dat er ergens in de walstroomaansluiting een storing zit. Nu ik dit schrijf, staat de volt meter op 13,8V (zonder walstroom maar met wind en zon), beter kan niet, lijkt mij. In feite is het probleem nog niet echt opgelost, maar wel verkleind. Ik hoop nog eens een collega zeiler tegen te komen die me hiermee wat verder helpt.

…en weer een nieuw setje accu’s

Enfin weer een lang (saai) verhaal over de accu’s. Het is tijd om weer verder te gaan, want het is inmiddels 19 september en Monique komt de 21e naar Alicante gevlogen en we hebben in Denia afgesproken. Ik moet dus weer zuidwaarts…

Geplaatst in Geen categorie | 3 reacties

Vakantie aan de costa’s

Altea, Denia, Gandia, Valencia

Altea is op zich een aardig plaatsje. Het oude gedeelte ligt op een heuvel en op een avond bezoek ik dit gezellige gebiedje. Het valt me op dat de toeristen er keurig gekleed zijn, geen groepen Engelsen in blote basten bijvoorbeeld. Verder heeft de omgeving niet veel te bieden. Er zijn een paar Nederlandse kroegen en 1 ervan (Hollands Glorie) gebruik ik als thuisbasis om een paar spannende etappes van de Tour de France te bekijken. Langs de kust is het eigenlijk een lintbebouwing. Als je de haven uitloopt dan is het rechtsaf naar Altea en linksaf naar Albir. Hier ook vele kroegen waarbij enkele met life muziek. Er wordt net onverdienstelijk gemusiceerd door oude rockers die in de nadagen hier nog een zakcentje komen verdienen, en om het alcoholgehalte in het bloed op peil te houden. En idd ik heb er 2 frikandellen speciaal kunnen verorberen.
Op 28 juli houd ik hier voor gezien en vaar door naar Denia. Onderweg moet er weer een kaap gerond woorden (Cabo de la Nao). Hier staat inmiddels een flinke wind en de zee is er wat onvoorspelbaar met rare golven. Vreemd eigenlijk omdat hier nauwelijks/geen getijde is. Het is de invloed van de wind blijkbaar. Ik heb de Genua uitgerold en voor de wind zeil richting Denia. Via een soort kanaaltje kom je in een centrale haven waar de ferry’s aanmeren, maar waar ook enkele megajachten liggen. Het is druk op het water. In de loop van de middag kom ik na een tocht van ca 30 Nm (alweer) aan in de marina El Portet. Ik word geholpen door een marinero met aanleggen (dat is hier overal goed geregeld). Het liggeld bedraagt ca € 40 per nacht, stevig aan de prijs en ik moet meteen aangeven hoe lang ik wil blijven, omdat ze telkens reserveringen hebben. Langer blijven zal mogelijk niet lukken. Als je korter wilt, ben je je geld kwijt… Ik geef aan 5 nachten te willen blijven. Denia is een vertrekplaats voor veel boten richting de Balearen. Ik ben van plan om hier later terug te keren en ook naar het oosten te varen. Denia is een flinke plaats met o.a. een paar redelijke watersportzaken. Er zijn verder veel smalle straatjes. Als er ruimte over is, dan is er een terras. Het is hier ongelooflijk druk en overdag heel warm. ’s Avonds is er nauwelijks buiten een plekje te vinden om wat te eten. Vooral veel gezinnen. Tja, het is nu echt hoofdseizoen. Ik zal blij zijn als de rust is weer gekeerd. Ik moet zeggen dat dit niet mijn Spanje is. Ben Andalusië gewend in de winter en voorjaar, dat heeft toch wel mijn voorkeur. Maar niet klagen, want het is toch geweldig om zo op je gemakje de kust af te struinen. Al wandelend door de straatjes kom ik toch telkens wat nieuwe plekken tegen. Centraal in het stadje ligt een heuvel met daarop een soort van vesting. Ik heb vanwege de warmte niet de moed gehad om deze heuvel te beklimmen. Ik bezoek een aantal keer de watersportzaken en koop een harnas voor het ophangen van de buitenboordmotor. Met dit harnas kan ik (hopelijk) de bbm op de bijboot takelen en hoef ik dat zware kreng niet via het zwemtrapje te bevestigen op de dinghy. Verder hebben ze niet de zaken die ik nog nodig heb.
Ik moet langzamerhand richting Valencia. Daar heb ik afgesproken met Monique. Vriend Roy is ook nog van plan om tijdens zijn vakantie langs te komen. In principe kan ik in een flinke dag in een keer naar Valencia (55Nm), maar ik besluit toch deze tocht te splitsen en eerst naar Gandia te varen. Dit is een wat kleinere haven. 2 dagen voor m’n vertrek mail ik de haven en ik krijg bericht terug dat ik welkom ben. Dat is fijn… Vrijdag 3 augustus vertrek ik om een uur of 10 voor ca 20 Nm naar Gandia. De helft van de reis heb ik lekker op m’n gemakje achter de genua kunnen zeilen. Begin van de middag kom ik er aan. Op m’n oproep via de marifoon wordt niet gereageerd, maar als ik de haven binnen vaar staat er een marinero te zwaaien. Ik krijg een plekje aan een beetje geïmproviseerde steiger, tussen wat kleinere boten. Ze kunnen later voor me een betere plek vinden, maar voor mij is dit goed.

Ligplaats in Gandia

Het is een echte verenigingshaven, met een groot restaurant en een zwembad (waar je gewoon gebruik van kunt maken). Het toilet van de haven is onderdeel van het restaurant en de douche hoort bij het zwembad, hiervoor moet je apart een sleutel halen. Gandia is een badplaats voor Spanjaarden, ik kom weinig buitenlanders tegen. Met name mensen uit Madrid gaan hier op vakantie. Het is er weer druk, er is een soort popfestival, waarvoor een enorme rij mensen zich verzameld om binnen te mogen. Alles in een heel vriendelijke sfeer. Een paar straatjes landinwaarts kun je goedkoop eten en drinken. Ik doe er een paar wassen (het wordt weer niet echt schoon na 35 min…) en combineer dat met boodschappen doen. Het stadje Gandia ligt meer landinwaarts. Op een avond ga ik de bus die kant op. Er zijn wel wat monumenten en winkelstraten, maar het plaatsje is nogal verlaten zo in het begin vaan de avond. Onderweg in de bus was me al opgevallen dat er een brand was uitgebroken ergens in de bergen. Tijdens het eten op een terrasje dalen allemaal roetdeeltjes neer. Niet echt gezond om dat in je eten te krijgen. Ik werk de salade snel weg en besluit maar weer terug naar de haven te gaan.

Fik….

 

…en dan krijg je dit op je bordje

Het is de laatste tijd erg warm geweest hier in oost Spanje. Overdag vaak flink boven de 35 graden. Er is steeds meer onweersdreiging en op een avond knalt het er flink op los. Het onweer blijft tegen de bergen hangen en de flitsen zijn enorm rondom de haven. Er steekt ook een stevige wind op, die recht op de kont komt van de AJA. Niet echt prettig omdat de boeg zo richting steiger wordt geduwd. Gelukkig gaat het goed. Om de dag is er nu wel een flinke onweersbui.

mn favoriete plekje, ahum…, de was krijg je er echt niet schoon, na 35 minuten wassen…(klein leed)

Op 8 augustus vertrek ik richting Valencia. Aanvankelijk is er weinig wind, maar halverwege de dag trekt ie weer aan (zoals eigenlijk altijd) en vaar ik voor de wind met de genua richting marina Real Juan Carlos I . Er liggen voor de haven 3 gigantische containerschepen voor anker, en als een klein vliegje vaar ik tussen de giganten door, bijzonder gevoel…. Ik roep de haven op (VHF 67 i.p.v. 9), en ik moet eerst aanleggen voor het havenkantoor. Waarom niet meteen naar de goede plek? Ik word later gelukkig geholpen met aanleggen en omdat ik voor het pompstation lig tank ik ook maar (wat). De marinero geeft me de benzineslang aan, en ik vraag of dat wel goed is, ik moet immers diesel hebben…Ok, dan maar de andere, gelukkig op tijd opgemerkt. De spuitmond van de dieselslang is veel te groot, past niet in de vulopening. Telkens gutst een en flinke slok diesel over de rand van de vulslang. Na een liter of 25 houd ik het maar voor gezien, zonde van de verspilling en slecht voor het milieu (en mijn portemonnee). In het havenkantoor word ik heel chaotisch geholpen, de dame is ook nog met 2 andere klanten bezig. Maar de ligprijs vergoed veel…(ca € 20). Ik besluit maar meteen voor een maand te betalen…..Half/eind september wend ik de steven (als de ergste drukte over is) richting Balearen.

welkom in Valencia

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

accu’s

In Cartagena blijf ik een paar weken hangen. Het is een fijne stad, maar de mensen zijn wat afstandelijk, meer dan in Cádiz, lijkt het. Er zijn leuke eettentjes en terrassen. Bijzonder is natuurlijk de geschiedenis. Cartagena is vernoemd naar de oude fenische stad Carthago. Er zijn nog veel relicten uit de periode ver voor de jaartelling te bezichtigen.

De haven van Cartagena

Elke dag ga ik in de middag een eind lopen/wandelen, soms om wat boodschappen te doen, en anders om weer eens een nieuwe wijk te verkennen. Maar ook om niet te veel te vervetten. Maar steevast eindig ik wel bij een terrasje om een lekker pintje te drinken, dit om (geestelijk en lichamelijk) in balans te blijven. Verder doe ik wat klusjes en vervang o.a. de impeller (koelwaterpomp) van de motor.

nieuwe impeller

Allengs wordt het steeds warmer en na een lange, toch wel koude winter en voorjaar, voor Spaanse begrippen, wordt het nu echt warm, dat betekent overdag toch wel boven de 30 graden. De ventilator (12V) die ik heb meegenomen uit Nederland is een uitkomst.
Ik ben nu ongeveer een jaar op reis. Mijn eerste planning was om nu in de Caraïben te liggen. Het feit dat ik nu in de Med rondvaar is nog wel eens moeilijk te verteren. Maar anderzijds is het hier ook goed toeven. Ik ontmoet een Engelsman, Richard, waar ik een paar keer wat mee ga drinken. Hij heeft het niet erg op met de Carieb en geeft me aan dat het hier in de Middellandse zee ook geweldig is. Dat moet ik beamen. Hij heeft het plan om later door te varen naar Sardinië. Dat is nou een bestemming waar ik ook, letterlijk, warm voor word. Dat is voorlopig een mooi doel voor komende winter, en daarna zie ik wel weer …
6 juli komt Monique weer voor een lang weekend. Ze vindt het leuk om ook nog wat te kunnen zeilen. Helaas ziet het er, precies in haar weekend, niet gunstig uit met de wind. Ik besluit om richting vliegveld van Alicante te varen. Een paar dagen voor haar aankomst vaar ik alvast naar Torrevieja, dat ligt op ca 50 bus minuten van het Vliegveld af. Dat is makkelijk. Torrevieja is niet echt bijzonder, het stratenpatroon nogal rechthoekig, geen mooie gebouwen en het is er heel toeristisch. Je kunt al duidelijk merken dat het vakantieseizoen is begonnen. Het is er heel druk. De haven en de faciliteiten zijn prima. Aan de kade zijn er een aantal chique disco- en loungetenten die nogal wat geluid produceren, maar eenmaal te kooi hoor je er niet veel meer van, valt me op. Vrijdagmorgen om een uur of 11 arriveert Mo met de bus op het busstation. We kijken er op een terras een wedstrijd van het WK, want we zijn fan van de Belgen. Het is erg gezellig, met andere Nederlanders en enkele Belgen. Wat opvalt is dat het WK in Spanje niet echt leeft, tenminste als je het vergelijkt met Nederland.
Op maandag komt de wind, weliswaar erg zacht, uit de goede hoek en we besluiten te vertrekken richting Alicante. Op de steiger ontmoeten we net voor vertrek een paar wereldomzeilers, die al 15 jaar onderweg zijn met hun Breehoorn 37 (Esperanza?). Het gesprekje dat we met ze hebben is zeer inspirerend, en ook zij (en ze kunnen het weten) loven de Spaanse oostkust. Om een uur of 10 varen we op de motor richting Alicante, ca 30 Nm. In de loop van de middag komt er iets meer wind, en dobberen een paar uur voor de wind richting de enorme jachthaven. Bij de meldsteiger tanken we meteen, dat kan maar weer gebeurd zijn. Alicante is een flinke stad. Op de boulevard ervaar je dat het hoogseizoen is, maar een paar straten meer de stad in kom je niet heel veel toeristen meer tegen, die gaan op in deze drukke studentenstad. De eerste avond eten we duidelijk te toeristisch, we laten ons “binnen”’ praten door een paar oververhitte camarero’s. We ergeren ons aan het drukke gedoe en het eten is daardoor niet bepaald geweldig. Maar de volgende dag wordt dat ruimschoots goed gemaakt in een luxe tapas bar (Manero) je moet even wachten tot je aan de beurt bent, maar het is echt genieten, alleen al door de bijzondere ambiance.

Vlakbij de haven is een tentoonstelling van de Volvo Ocean Race, de zeilrace rond de wereld. Dat is de moeite waard met een mooie film en veel info over de geschiedenis en het leven aan boord van zo’n race bak. Woensdagmiddag gaat Monique weer terug naar Nederland, er stopt een bus vlakbij de haven. Ik breng haar naar het vliegveld, we drinken er nog wat. Ik ga later weer met een leeg gevoel terug naar de haven. Ik krijg vrij snel van Mo een appje dat het vliegtuig (Ryanair) technische problemen heeft en niet kan terugvliegen naar Nederland. Ze moet lang wachten op een vlucht terug (midden in de nacht) die haar niet naar Eindhoven brengt maar naar Keulen. Vandaar moet ze nog met de bus naar Eindhoven, waar haar auto staat. Vroeg in de ochtend komt ze pas thuis, en ze kan meteen aan het werk…. In Alicante woont een oude zeilmaat. Hij had me eens opgespoord na een artikel in blad Zeilen. Hij stuurde me een mailtje om zeker eens in Alicante langs te komen. Die mail heb ik nog eens opgezocht. Kees had een foto gestuurd van zijn boot met uitzicht op de stad die precies hetzelfde is als mijn uitzicht. Die boot moet dus in de buurt liggen. Ik heb een aantal steigers afgelopen om het te zoeken, maar ik kan haar niet vinden (hij was een dagje de zee op…). Diezelfde dag krijg ik van Kees een mail of ik al in de buurt ben. Nou, dat kan ik bevestigend beantwoorden. De volgende dag drinken we koffie. Het is een leuk weerzien, waarbij we veel oude verhalen ophalen. Op het accumetertje (van Victron), valt me op dat de laadstatus van de accu’s wat terugloopt. De omvormer/lader is sowieso al weken aan het loeien (wrsclk de ventilator vanwege de warme temperaturen). Maar nu brandt er ook een rood lichtje van het alarm. Ik heb contact met de Stroomwinkel, die de belangen van Victron behartigen. Met hen mail ik wat over en weer, maar het is allemaal nogal ingewikkeld. Kees heeft gelukkig nogal veel verstand van boten en we bespreken allerlei mogelijkheden. Waarschijnlijk is de lader niet in staat de accu’s vol genoeg te krijgen. Maar die accu’s (Beaut) zijn nog maar 1 jaar oud, daar had ik in Blankenberge al problemen mee. De boosdoener is waarschijnlijk een verbinding van 1 accu die ikzelf voor mijn vertrek heb gemaakt, voor een derde accu. Die kabels zijn wat dunner en korter dan de andere accukabels. Die derde accu koppel ik af. Het rode lampje brandt in ieder geval niet meer. Via Kees, haal ik er toch maar een specialist bij. Hij kan blijkbaar (maar volgens Victron is dat niet mogelijk) met een apparaatje de kwaliteit van de accu’s uitlezen. De afgekoppelde accu blijkt kapot te zijn en de 2 andere nog goed. Dus ik heb besloten om voorlopig met de 2 resterende accu’s (totaal 200Ah) verder te gaan. En ander probleem zou kunnen zijn dat er ergens een lek zit in een kabel, waardoor er veel stroom wegvloeit. De elektrische stuurautomaat staat rechtstreeks op de accu, die heb ik maar voorzien van een schakelaar. Verder is het maar afwachten hoe de elektriciteit aan boord zich houdt… Van Kees krijg ik nog een klein C-tek ladertje, daar laad ik de kapotte accu nog maar een mee op, ook eens kijken hoe lang die de spanning vasthoudt. Mijn vermoeden is dat die derde accu nog best goed is. Dus die ga ik de komende periode in de gaten houden.

Binnenwerk Victron lader/omvormer (zoek de dipswitches!)

Enfin, lang genoeg in Alicante geweest. Tijd om verder te trekken. Ik wil wat langere tijd in Valencia blijven, daar verwacht ik ook nog wat bezoek. Dus ik ga op m’n gemakje die kant op. De volgende haven is Altea, weer zo’n 30nm verder. Om een uur of 9, op maandag 23 juli gooi ik de trossen los (van een kleine zijsteiger!). Zoals gewoonlijk de laatste tijd, staat er ’s morgens niet veel wind en in de loop van de middag trekt ie wat aan en draait naar zuidoost. Ik vaar langs een prachtige kust, waarvan een groot gedeelte natuurgebied is. Ik probeer begin van de middag nog wat te zeilen, maar de koers wordt precies voor de wind, dus het schiet niet echt op. Uiteindelijk de zeilen maar weer opgeborgen. Na mijn oproep op VHF (marifoon) 09 staat er al een marinero te wachten. Dat is wel noodzakelijk hier als je alleen bent. Ik vaar met de boeg naar de drijvende steiger, en dan kan hij de boot afhouden. Het op- en afstappen op de Aja wordt nog een hele toer. Ik ben blij met m’n pas aangeschafte bankje. Het plaatsje Altea valt niet tegen, geen echte hoogbouw en het dorpje op een heuvel is gebouwd is prachtig (en druk). Het is een dorp waar vooral veel gezinnen vertoeven. Na 23 uur is er niet veel meer te beleven. Onderweg zie ik een Nederlandse kroeg waar ze frikandellen hebben. Daar ga ik er komende dagen minimaal 1 van nemen…

straatje in het oude Altea

Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties

Nog meer deining

In Almeria blijf ik zo’n 2,5 week hangen. De kikker op de mast is gerepareerd. Het bedrijfje heeft na lang zoeken dezelfde, als die zij hebben afgebroken, kunnen terugplaatsen. De stad is ongeveer net zo groot als Breda. Het eerste oordeel is dat het een zeer luxe plaats is, met een brede en keurig onderhouden Ramblas en een paar mooie winkelstraten, maar daarbuiten is er veel verval. De openbare ruimte is onverzorgd, de stedenbouw onlogisch (flatgebouw van 8 verdiepingen naast een pand met 3 verdiepingen, maar dat komt vaker voor in Spanje) maar wat met het meest stoorde was het horecabeleid. Althans ik weet niet of het beleid is, maar het geval is dat je niet zomaar op een terras een biertje bestellen, daar hoort automatisch een tapasje bij, incl. de prijs. Je betaalt dus tussen de 2 en 3 euro voor een biertje, wat voor deze streek best duur is (even een Hollands praatje). Er zijn wel cafés waar je alleen bier (of iets anders natuurlijk) kunt drinken maar dat zit verschanst achter min of meer dicht getimmerde, soort van, disco gelegenheden. Die gaan vaak ’s middags al open, tot vroeg in de morgen. Enfin het vraagt wat aanpassingsvermogen en deze reis is er ook om me te verwonderen over de dingen die je aantreft. Het is een relaxte tijd hier, in afwachting van de reparaties en betere wind. Ik heb het lezen (her)ontdekt. M’n e-reader komt goed van pas. Ik bezoek op de valreep nog een piepklein gitaarmuseum, waar ik vanwege m’n (hoge) leeftijd weer met korting naar binnen mag. Het is ingericht rond de gitaarbouwer Antonio de Torres, die in Almeria en Sevilla in de 19e eeuw gewoond en gewerkt heeft. Toch leuk om te zien… Verder ga ik er naar de kapper en bezoek zo’n beetje elke dag de supermarkt om de voorraden aan te vullen, want die is om de hoek bij de haven.
Donderdag 31/5, om een uur of 9, gooi ik de trossen en ga eerst even tanken en vaar dan richting Cabo de Gata (kaap van de katten). De zee is redelijk rustig en ik trek het grootzeil omhoog voor wat extra voortstuwing. De motor loopt prima, dat is toch even afwachten als er wat aan gesleuteld is… Bij de kaap had ik wat meer wind verwacht, maar juist de golven nemen ertoe en ze komen dwars op de Aja, waardoor het grootzeil erg gaat klapperen. Die gaat dus weer omlaag. De kust is hier prachtig. Prachtige bergen en rotsen. Dit gebied is een natuurreservaat. Geen hotels e.d. (later kom ik langs de kust dit illegaal gebouwde hotel tegen dat nu weer wordt afgebroken. Met grote letters erop geschilderd “hotel ilegal”).

Hotel ilegal

Mijn doel is San Jose, een piepklein haventje. Ik had via internet al contact gehad of er plaats zou zijn, en ik werd keurig beantwoord dat dat het geval is. Na het ronden van de Cabo de Gata, is het nog maar een klein stukje en je komt in de baai van San Jose. Het ziet er geweldig uit. Het lijkt of de marina uit de rotsen is gehakt. Ik roep de haven op en een marinero staat aan de kant en geeft me een fijn plekje aan een betonnen steiger, zodat ik nu eens “normaal” via de zijkant van boord kan stappen. Ik lig hier prachtig. San Jose is piepklein, maar zo’n 900 inwoners, maar dat zal in het vakantieseizoen verveelvoudigen.

De kleine haven van San Jose

Ik check in bij de receptie en schrik me rot van de ligprijs voor een nacht, ca € 47. Dat ben ik nog niet tegengekomen op m’n reis. Maar goed, ik zal moeten accepteren dat langs deze kust de komende 3 maanden er veel geld gevraagd zal worden voor een plekkie. Nou ja, als het geld op is, verkoop ik de boot en ga weer naar huis…. Ik wil hier wel een paar dagen blijven. De cafeetjes zien er leuk uit, het heeft een beetje hippieachtige sfeer, totaal anders dan de meeste badplaatsen hier (voor zover ik er nu over kan oordelen). Die paar dagen worden algauw een week omdat er of onweersdreiging is of er een stevige wind staat. Enfin dus veel lezen maar weer, wandelen en wat klusjes doen. Een van die klusjes is om de MOB 1 in te bouwen in m’n reddingsvest. Dat ding geeft een signaal als je overboord slaat naar de plotter en geeft aan waar je bent. (Voor mij alleen eigenlijk zinloos). Ik maak het reddingsvest open, blijkt de cilinder, die de lucht in het vest moet blazen, niet te zijn aangesloten. Die zit er los in…. Heb ik een jaar lang keurig mijn reddingsvest op zee aangehad, die opgeblazen zou zijn als ik overboord gegaan was. Het andere vest ook maar nagekeken, maar dat was in orde. In de haven ligt nog een Nederlandse boot, een prachtige Trintella. Ik word door de bemanning (Carla en Klaas) uitgenodigd om een borreltje te komen drinken.
Er waait bijna constant een zuidwestelijke stevige wind (de Poniente). In de haven staat inmiddels een enorme swell, dat betekent veel deining en onrustige nachten. Op dinsdag waait het echt enorm, vlagen van over de 30 knopen, (wederom niet voorspelt) en het gaat onweren, nou ja 1 onweer, 1 stevige klap in de bergen. Even later komt er een rookpluim op achter een berg vandaan; brand, een half uurtje later allerlei blusvliegtuigen en na een uurtje is de brand zo goed als geblust. Toch snel en adequaat geregeld…

fik na een klap onweer

Ik kijk er naar uit te vertrekken en een haven verder te zoeken. Dat zal Garrucha worden. Zo’n 30 Nm verder. Wederom een mooi dagtochtje. Donderdag 7 juni vertrek ik, weer eens richting noorden (tot nu toe eigenlijk alleen een zuidelijke en oostelijke gevaren). Op zee staan er vervelende dwars golven en het waait te weinig om te zeilen. Ik vertrek om een uur of 8 en hoop begin van de middag in Garrucha aan te komen. Rond de middag trekt de wind aan en kan de genua uit. Bij het naderen van de haven gaat ie weer in, en merk dat er een stevig wind staat. Ik roep de marina op, en krijg in het Spaans iets van nog even wachten (2 minuten??, office e.d.). Ik weet echt niet waaraan te leggen en het waait inmiddels stevig. De haven ziet er heel onoverzichtelijk uit als je aan komt varen. Ik draai maar wat rondjes en hoop niet te veel aan lagerwal te geraken. Dan zie ik iemand op een fiets met een fluorescerend pak die afstapt. Ik vaar maar die kant op, want dat zal de havenmeester zijn. Die man gaat maar eens rustig op een bankje zitten, ik roep naar hem, maar hij begrijpt er niets van. Geen marinero dus…. Maar weer terug naar de ingang van de haven, en dan zie ik de echte marinero, hij wenkt me. Ik kan aan een lange betonnen steiger, langszij aanleggen. Het deint er flink. Gelukkig kan de onderwaterlijn (die gebruikt wordt voor het op mediterrane wijze aanleggen) bovenwinds aan de Aja worden gelegd, zodat de boot van de steiger af wordt getrokken. Die nacht kan ik nog redelijk slapen, er is wel wat swell, maar valt mee, maar de volgende dag wordt de deining echt erg. De Aja springt op en neer op de golven. Ik probeer de boot nog verder van de kade te trekken en beknel daarbij bijna m’n vinger. Dat liep net goed af. Die dag worden in die haven er ook nog eens 2 zeeschepen gevuld met zand, in combinatie met die harde wind, is de lucht van de haven gehuld in een crèmekleurige mist als gevolg van de zandstorm. De boot zit helemaal onder, en ook binnen ligt een laagje zand… Uit deze haven moet ik zo snel mogelijk weg. Ondanks de redelijk goedkope liggelden, is het hier niet prettig toeven. De douches/toiletten zijn totaal versleten. Doe er nog boodschappen, want er is een hele fijne supermarkt vlakbij. Zaterdagmorgen sta ik om 7 uur op, en om 8 uur maak ik los voor een trip van bijna 50Nm, zo’8-10 uur varen, naar Cartagena. Met mij vertrekken nog een paar boten. Er staat aanvankelijk nog niet veel wind, maar de golven zijn nog wel vervelend. Ik hijs het grootzeil om het slingeren wat tegen te gaan en het geeft nog een half knoopje extra snelheid. Wat me opvalt aan de Middellandse zee is dat er (tot nu toe) weinig zeeleven is, nauwelijks dolfijnen, geen zeevogels (enkele kleine bruine…?), maar dan kom ik toch nog een groepje grote dolfijnen tegen. Het lijkt of ze liggen te slapen. Allen met de ruggen/vinnen net boven water, een enkele zwemt wat. Ze hebben geen interesse in mij…jammer. Net na vier uur kom ik bij de prachtige ingang van de haven van Catagena. Hier en daar springt een vis uit het water. De bodem loopt hierop van enkele kilometermeters naar een meter of 50. Er staat daardoor een beetje rare zee…. Geen echte golven maar een raar soort deining. Ik vaar stuurboord naar de haven van Yacht Port Cartagena. Het ziet er redelijk vol uit maar bij het binnen varen blijken er nog genoeg vrije plaatsen. Ik moet aanmeren op de mediterrane wijze, ik besluit met de boeg naar de kant, een drijvende steiger. Die ligt wat laag, dus dat wordt een acrobatische oefening om via het anker van de boot af te komen. Het aanmeren gaat met behulp van een marinero, perfect, m’n zelfvertrouwen groeit. Ik besluit maar meteen op zoek te gaan naar een bankje, waar ik op kan gaan staan, om op het anker te kunnen opstappen. Ik merk in de stad dat ik zeebenen heb, ik wankel wat en voel me niet helemaal topfit. Laatste nachten weinig geslapen en heel veel deining gehad, beetje landziekte denk ik. Bij een Chinese markt (in Nederland verkopen ze kroketten en frikandellen, maar hier in Spanje hebben ze allemaal van die rommelwinkels…) koop ik een opklapbaar bankje. Makkelijk mee te nemen.

Mijn opstapper

Vlakbij de haven is een folkfestival gaande, met hele goede muziek. Het weer zit echter niet mee. Heftige regen- en donderbuien. Ik ga op tijd pitten. Heerlijk weer eens op een stilliggende boot. Cartagena is mijn bestemming voor de komende weken, omdat Monique begin juli naar Alicante komt (vlakbij) en je na een week krijg je 1 nacht gratis (gemiddeld € 28/nacht). Het is een echte vertrekkershaven, de windmolens en spoilers zie je overal. Leuk om daar onderdeel van te mogen zijn. En Klaas en Carla met de Noorderzon liggen er ook die ik al in San Jose had ontmoet. Cartagena is een bijzondere oude stad. Er zijn nog heel veel relicten uit de Romeinse tijd. Er zijn veel musea, genoeg te doen dus…

Cartagena Romeins theater

Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties